Toevoegen of bewerken van afbeeldingsaudio
ACDSee ondersteunt afbeeldingen met ingesloten audio en
afbeeldingen met gekoppelde geluidsbestanden.
Afbeeldingen met ingesloten audio zijn TIFF- of
JPEG-afbeeldingen met audio die in het beeldbestand is opgeslagen.
U kunt audio in een beeldbestand insluiten door audio aan de
afbeelding toe te voegen.
Afbeeldingen met gekoppelde audio zijn beeldbestanden die zijn
geschakeld aan aparte WAV-geluidsbestanden. Beeldbestanden en de
daarmee verbonden geluidsbestanden hebben dezelfde bestandsnaam en
bevinden zich in dezelfde map. U kunt een willekeurig WAV-bestand
met een beeldbestand verbinden door beide bestanden dezelfde naam
te geven en in dezelfde map te plaatsen, of door audio aan de
afbeelding toe te voegen.
|
|
Als u een beeldbestand of het daarmee verbonden
geluidsbestand verplaatst of hernoemt, moet u beide bestanden
hernoemen en naar dezelfde map verplaatsen. Als u dat niet doet,
verbreekt u de verbinding tussen de bestanden. Dit geldt niet voor
afbeeldingen met ingesloten audio.
|
U voegt als volgt audio toe aan een
afbeelding:
-
Kies een van de volgende
mogelijkheden:
-
Selecteer een afbeelding in het
bladervenster.
-
Open een afbeelding in het
weergavevenster.
-
Kies in het menu Extra Afbeeldingsaudio | Bewerken
-
Klik op de knop Bladeren in het dialoogvenster Audio
bewerken.
-
Selecteer een WAV-bestand en klik op
Openen.
-
Als u het geluidsbestand wilt afkappen of
bijsnijden, schakelt u het selectievakje Markeringen gebruiken in,
en sleept u de schuifregelaars Startmarkering en Eindmarkering. Voer een van de volgende
acties uit:
-
Klik op de knop Inkorten om het begin en einde van het
audiobestand te verwijderen (het deel buiten de start- en
eindmarkeringen).
-
Klik op de knop Fragment om het deel van het
geluidsbestand binnen de begin- en eindmarkeringen te
verwijderen.
-
Klik op de knop Afspelen voor een voorbeeld van het
bestand.
-
Klik op OK.
Audio opnemen in een afbeelding
U kunt uw eigen geluidsbestanden opnemen en ze toevoegen aan uw
afbeeldingen. Wanneer u audio toevoegt aan een JPG- of
TIFF-afbeelding, wordt de audio ingesloten in de afbeelding. Bij
andere bestandsindelingen wordt het geluidsbestand verbonden met de
afbeelding. Het geluidsbestand wordt opgeslagen in dezelfde map en
afgespeeld wanneer u de afbeelding bekijkt.
U neemt als volgt een geluidsbestand op en
voegt het toe aan een afbeelding:
-
Kies een van de volgende
mogelijkheden:
-
Selecteer een afbeelding in het
bladervenster.
-
Open een afbeelding in het
weergavevenster.
-
Kies in het menu Extra Beeldaudio | Bewerken .
-
Selecteer of wijzig de opties voor
Instellingen voor
opnamegeluid in het dialoogvenster Audio bewerken.
-
Klik op Opnemen en voer een van de volgende
acties uit:
-
Gebruik een microfoon om een geluid
op te nemen.
-
Speel audio af met een audiospeler op
uw computer.
-
Klik op Opnemen om de opname te stoppen.
-
Klik op Opslaan als om het geluidsbestand op te
slaan.
-
Typ een naam in het veld Bestandsnaam van het dialoogvenster
Geluidsbestand opslaan en klik op Opslaan.
-
Klik op OK.
Opties voor Instellingen voor
opnamegeluid
|
Vastlegapparaat
|
Geeft aan met welk apparaat van uw computer u
de audio wilt opnemen.
|
|
Invoerindeling
|
Bepaalt de monstersnelheid en het audiotype
voor het opnemen van het geluid. De weergegeven indelingen zijn
afhankelijk van de geluidskaart die in uw computer is
geïnstalleerd.
|
|
Overschrijven
|
Vervangt de opgenomen audio vanaf de locatie
van de schuifregelaar Markeren
starten.
|
|
Mixen
|
Hiermee combineert u de opname met het
bestaande audiobestand.
|
|
Invoeren met startmarkering
|
Hiermee voegt u de opname op de locatie van
de schuifregelaar Startmarkering in. Sleep de schuifregelaar
Startmarkering naar de
gewenste positie.
|
|
Aan geluidsbestand toevoegen
|
Hiermee voegt u de opname toe aan het
bestaande geluidsbestand.
|
|
Geluidsbestand vervangen
|
Vervangt het complete geluidsbestand door de
nieuwe opname.
|
|